Het risico op verdamping

Yves werkt als journalist voor een lokale krant. De bescheidenheid van het medium deert hem niet. Wat telt is dat zijn woorden worden afgedrukt en niet zomaar een url toegewezen krijgen. Aan wat er op een beeldscherm verschijnt, hecht hij geen waarde. Pixels veranderen voortdurend van kleur en Yves wil niet dat zijn teksten worden ingeruild voor advertenties, pornoplaatjes of het eenvormige blauw-wit van een Facebookpagina.

Na zijn uren leest hij een boek over macro-economie. Hij zich wil omscholen tot financieel-economisch journalist. Dan kan hij in plaats van de bejaarden die hij nu interviewt, spreken met bedrijfsleiders en vlotte, bemiddelde jongens in afgelikte vergaderzalen, kan hij zich vergapen aan de handigheid waarmee ze zich verrijken. Het doel: om zich die handigheid eigen te maken en zelf een vlotte, bemiddelde jongen te worden. En dan rijden met een BMW 5-reeks. Om indruk te maken op de schoonouders.

Wat Yves’ succes vooralsnog in de weg staat is niet alleen zijn gebrekkige kennis van de economie — daar werkt hij aan, traag maar zelfzeker — doch ook hoelang hij kan veinzen dat het lot van de Vlaamse bedrijven hem werkelijk ter harte gaat. Macro-economie kan Yves best boeien, want dat gaat over de vraag hoe een samenleving in te richten, hoe als landen met elkaar om te gaan, hoe het eigen land te organiseren. Om uiteindelijk de burgers van het land een beter leven te bezorgen. Macro-economie is een instrument tot volksverheffing. Wordt het concreter en nemen we de KMO’s en multinationals onder de loep, treffen we vooral winstmaximalisatie, concurrentie en marketing aan. Daar huivert Yves van. Hij is nog niet voldoende vlot en bemiddeld om zich te vergenoegen met het dagdagelijkse proces van de welvaartcreatie.

Morgen moet Yves in gesprek gaan met een dame van 73 jaar die voor haar kleinkind een tuinhut liet bouwen door een stel onderbetaalde Bulgaren. Hij vraagt zich af of zwartwerk, iets wat de publieke opinie afkeurt, wel altijd af te keuren is. Dat is de invalshoek van het interview. Welke straf moet de 73-jarige dame krijgen voor het stiekem tewerkstellen van een stel jonge kerels die door malafide Turken het land werden binnengesmokkeld?

Maar voorlopig heeft Yves nog andere zorgen. Zoals het water dat hij voor zijn groene thee aan de kook bracht, genoeg laten afkoelen. Hij heeft ergens gelezen dat je geen kokend water mag gebruiken. Anders zou tot 85% van de werkzame stoffen in de thee verdampen. Hij weet niet welke werkzame stoffen het zijn, en of hij ze echt nodig heeft. Hij las ook dat groene thee niet per se gezond is. Voor de Chinezen is groene thee een genotsmiddel, zoals koffie. Door handige marketing wordt het door het westen gezien als een geneesmiddel. Voeg groene thee toe aan zeep en de zeep verkoopt beter. Absurd.

Zo’n kwestie vermengt zich in Yves’ hoofd met de kwestie van het zwartwerk, van zijn toekomst in de financieel-economische journalistiek, van zijn afkeer van winstmaximalisatie, van de vluchtige aard van pixels. Hij zou dit stuk tekst graag beëindigd zien met de mededeling dat hij een kopje thee gaat drinken op zijn terras om het allemaal te overpeinzen wijl hij tuurt naar de bomen die zacht wiegen onder een grijze hemel. Maar dat zal niet lukken. Het water is inmiddels koud.

Geef een reactie

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log Out / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log Out / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log Out / Bijwerken )

Verbinden met %s